Je kan er tien jaar therapie op los laten praten. Je kan je verhaal tot in de puntjes kennen: wat er gebeurde, wanneer, met wie. En toch… bij het geluid van een deur die dichtslaat, versnelt je hart. Bij een bepaalde toon in iemands stem, trek je je terug. Je weet dat er niets aan de hand is. Je lijf gelooft je niet.
Dat is precies wat trauma is.
Waarom praten alleen niet genoeg is
Bessel van der Kolk, psychiater en een van de meest invloedrijke traumaonderzoekers van de laatste decennia, bracht het compact: the body keeps the score. Het lichaam houdt de score bij. Trauma wordt niet alleen opgeslagen als een herinnering die je kan navertellen. Het wordt opgeslagen in je zenuwstelsel, in je spieren, in de manier waarop je ademt, in je houding.
Van der Kolk toonde met hersenscans iets ongemakkelijks aan: tijdens het herbeleven van een traumatische herinnering valt bij veel mensen het spraakcentrum in de hersenen letterlijk stil. Broca’s gebied, verantwoordelijk voor taal, sluit af. Ondertussen licht het emotionele brein juist fel op. Met andere woorden: op het moment dat het er echt toe doet, heb je geen woorden. Je hebt alleen het lijf.
Dus wanneer een puur verbale therapie vastloopt (en dat gebeurt vaker dan therapeuten graag toegeven) is dat niet omdat jij “niet meewerkt” of “te veel weerstand” hebt. Het is omdat je probeert een lichamelijk probleem met alleen taal op te lossen. Dat is als proberen een blessure te helen door erover te praten in plaats van te bewegen, te rusten, te behandelen.
Wat lichaamsgericht werken dan wél doet
Lichaamsgerichte therapie gaat niet om nog een keer het verhaal vertellen. Het gaat om voelen wat er nu, in dit moment, in je lijf gebeurt als je bij dat verhaal komt. Waar trek je samen? Waar houd je je adem in? Waar zit de rusteloosheid, de bevriezing, de drang om weg te lopen?
Door daar bewust bij stil te staan, bijvoorbeeld met ademwerk, met beweging, met aanraking van wat er lichamelijk speelt, geef je het zenuwstelsel de kans om iets te doen wat het tijdens het trauma zelf niet kon: de spanning afmaken. Niet wegdrukken. Afmaken. Compleet maken.
Dat klinkt zweverig tot je het meemaakt. Het is dat niet. Het is fysiologie.
Belangrijk om eerlijk over te zijn: lichaamsgericht werken is geen quick fix en geen vervanging voor goede psychotherapie wanneer die nodig is. Bij zware traumatisering, dissociatie of acute psychiatrische problematiek hoort dit thuis in een begeleid, professioneel kader, niet in een losse workshop zonder opvolging. De kracht zit in de combinatie: therapie die het verhaal een plaats geeft, én een lijf dat leert dat het weer veilig mag zijn.
Voor wie is dit relevant?
Niet alleen voor mensen met een duidelijk aanwijsbaar trauma. Ook bij:
- Angst die geen duidelijke aanleiding lijkt te hebben
- Burn-out, waarbij het lichaam al lang “nee” schreeuwde voor het hoofd het hoorde
- Chronische stress- en pijnklachten zonder medische verklaring
- Laag zelfvertrouwen, dat vaak wortelt in vroege ervaringen van niet-gezien-worden
- Verslaving en eetstoornissen, waar het lichaam een manier zoekt om iets te reguleren wat anders onhoudbaar voelt
Herken je iets hierin? Vraag jezelf eens eerlijk af: wanneer heb je voor het laatst echt gevoeld wat er in je lijf gebeurde, in plaats van erover te denken?
Bij Living by Being
Bij Living by Being werken we vanuit die overtuiging: helen gebeurt niet alleen in het hoofd. Naast klassieke psychotherapie en EMDR bieden we Lichaamsgerichte therapie aan. Onze lichaamsgerichte therapie, bestaande uit onder andere beweging en dans, is ontwikkeld door Nele vanuit jarenlange ervaring in danstherapie en helingskunsten. Via ademwerk, klank en beweging leer je stap voor stap weer voelen wat je lijf je al die tijd probeerde te vertellen. Deze therapievorm is specifiek ook geschikt voor mensen die herstellen van een burn-out en die willen leren om op een zachte manier spanning los te laten, in plaats van ze nog verder vast te houden.


0 Reacties op "Trauma zit niet in je hoofd. Het zit in je lijf."